Bromo in een zee van zand


Om drie uur gaat de wekker, niet dat de Traveler veel geslapen heeft, de gidsen en chauffeurs hebben het koud gehad want het waaide behoorlijk en aangezien een deel van de chauffeurs gewoon in de auto slaapt met draaiende motor, doen ze af en toe lekker gas geven, wat een behoorlijk lawaai geeft en dus tot verstoring van de toch al korte nachtrust leidt.

Onze jeep chauffeur gaat ons naar een uitzichtpunt brengen waar we uitstekend zicht moeten hebben om de zonsopgang te zien en een prachtig zicht hebben op de rokende Bromo en bijbehorende slapende vulkanen. Je zou op dit krankzinnig vroege tijdstip denken dat er maar een paar dwazen deze onderneming gaan doen maar niets is minder waar. Op de binnenplaats van de de Lava View Lodge is het een drukte van belang, tientallen Toyota Landcruisers staan te ronken en produceren heerlijke dieselluchtjes. Het is in het slechte licht een spannend gezicht en de nerveuze toeristen die allemaal dik betaald hebben om een plekje in de jeep te krijgen om uiteindelijk boven op een van de uitzichtpunten een spectaculaire view op de Bromo te hebben, drentelen nerveus rond. In de typisch Indonesisch georganiseerde chaos is het nog een hele tour onze jeep te vinden. Gelukkig vinden we hem al snel en kunnen we aan boord. We behoren tot de gelukkige die met zijn tweeën in de jeep zitten en redelijk snel weg kunnen. Helaas heeft de Traveler geen rekening gehouden met het feit dat het Indonesische weggedrag automatisch leidt tot wanorde; een jeep is wat later gearriveerd en probeert tegen de uitgaande stroom op het Lava View Lodge terrein te komen daarbij sommige jeeps zowat het ravijn in duwend.

Onze driver oogt wat jong maar de WHT heeft al snel door dat deze jongen zijn diploma terrein rijden op een vulkaan met lof heeft gehaald.

De weg gaat soms met dertig procent stijgingspercentage omhoog en diverse malen moet de lage giering ingeschakeld worden. We dalen af naar de ‘zee van zand’ of zoals de Javanen het noemen ‘Segara Wedi’.

In colonne scheuren we richting Gunung Penanjaka waar we uiteindelijk op 2770 m hoogte moeten belanden bij ons uitzichtpunt. We draaien de pas op in het aardedonker en we zijn niet alleen, onze chauffeur vertelt ons dat er zo’n duizend jeeps zijn waarvan er vandaag zo’n vijfhonderd aan het rijden zijn, niet druk dus…..

Met veel gehobbel en geschud komen we uiteindelijk in het pikkedonker op 2700 m aan, we maken een foto van het nummerbord van onze auto, zodat we hem straks tussen de 500 geparkeerde landrovers op de pas weer kunnen identificeren.

Voorzien van petzel en dekens en collsjaals lopen we naar het hoogste punt.

Het waait behoorlijk en de temperatuur is gezakt tot op een peil dat zelfs een Europeaan begint te klappertanden. Als dan bovendien ook nog wolken over de top zeilen wordt het serieus oncomfortabel. Langzamerhand begint het te lichten en breken de wolken en kunnen we af en toe de rokende Bromo onderscheiden.

Zoals gezegd ligt Mount Bromo in het midden van een vlakte genaamd de “Zee van zand” (Javaans: Segara Wedi of Indonesisch: Lautan Pasir), een beschermd natuurgebied sinds 1919. Het uitzicht wordt steeds spectaculairder en in tegenstelling tot gisteren hebben de bezoekers van het uitzichtpunt vandaag wel geluk, want gisteren was de complete vallei in nevelen gehuld en was er dus geen sunrise on Bromo te zien.

De wolken breken en het uitzicht is ronduit spectaculair en iedereen verdringt zich om een zo goed mogelijk plaatje te schieten.

Uiteindelijk is het tijd om terug te keren naar de jeep wat maar goed is omdat de Wormholetraveler bijna bevangen is door de koude. Klappertandend weet ie uiteindelijk de jeep op te sporen en rijden we ook weer in file naar beneden.

De jeeps parkeren op twee kilometer afstand en paardenverhuurders spelen daar handig op in door hun paard voor een enkeltje of retour Bromo krater aan te bieden.

Ook kan er bij de plaatselijke middenstand offerandes gekocht worden om in de krater te gooien.

Na een kilometer sjokken door het zand en in de wetenschap nog de kraterrand te moeten bestijgen besluit Moeder Jachthaven te paard verder te gaan. Na kneppelharde onderhandelingen wordt een enkeltje aangeschaft en mag Marina het paard bestijgen. De WHT is inmiddels doorgelopen en bereikt uiteindelijk op het zelfde moment als Marina de voet van de krater. Het is er wat drukker dan normaal want het is de vijftiende dag van Yadnya Kasada, een hindoeïstisch festival wat een maand duurt.

Op de veertiende dag van het Hindoe-festival van Yadnya Kasada reizen de Tenggerese bevolking van Probolinggo, Oost-Java, de berg op om fruit, rijst, groenten, bloemen en dierenoffers aan de berggoden te brengen door ze te gooien in de caldera van de vulkaan. De oorsprong van het ritueel ligt in een legende uit de 15e eeuw. Op de zandvlakte bevindt zich een hindoetempel genaamd Pura Luhur Poten. De tempel is van groot belang voor de Tenggerese verspreid over de bergdorpen, zoals Ngadisari, Wonokitri, Ngadas, Argosari, Ranu Prani, Ledok Ombo en Wonokerso. De tempel organiseert de jaarlijkse Yadnya Kasada-ceremonie die ongeveer een maand duurt. Het grote verschil tussen deze tempel en de Balinese tempel is het type stenen en bouwmaterialen. Pura Luhur Poten maakt gebruik van natuurlijke zwarte stenen van vulkanen in de buurt, terwijl Balinese tempels meestal worden gemaakt van rode bakstenen.

We klimmen tussen de bedevaartgangers via een heilige stenen trap naar de rand van de Caldera waar we kunnen zien dat er flink geofferd wordt en werd.

Schrijnend is om te constateren dat er mensen hun leven wagen om de offeranden in de krater te doorzoeken op eetbare en kostbare zaken. De Traveler laat zich vertellen dat dit zeer arme mensen betreft die voor 500 Rupiah hun leven wagen en dat iedere succesvolle vondst hun leven letterlijk verlengt.

Na een tijdje besluiten we de Bromo te verlaten en we gaan opzoek naar onze jeep die ons na een ritje op de zand zee weer retour brengt bij de Lava View Lodge.

Wij douchen snel en gaan daarna snel,richting ontbijt want we moeten voor donker nog Kaliklatak halen.

Het ontbijt is verrukkelijk, nasi en soto in de ochtend maakt de Traveler helemaal blij.

Deze ochtend blijkt helemaal fantastisch te zijn want er loopt een heuse pitjit masseur rond die on the spot je op verzoek onderhanden neemt. Moeder Jachthaven heeft last van haar schouder en is wel in voor een potje hardhandige Indische massage en de Traveler kan ook wel een onderhoudsbeurt gebruiken. De goede man weet de zwakke plekken te lokaliseren en door stevig met gebruik van caiputie olie en obat Matjan De Traveler & Co. Weer volledig herboren te doen voelen. Dankbaar nemen we afscheid en rijden volledig verfrist de pas af.

Helaas duurt de rit langer dan gepland en komen we pas tegen het invallen van de duisternis aan in Kaliklatak, we blijken de beschikking te hebben over een complete bungalow inclusief butler. Dat is even wennen als er continue iemand vraagt of je wat wil drinken en wat je wilt drinken, of je wilt eten en wanneer wil je eten etc.etc.

Veel tijd hebben we niet om hiervan te genieten want we moeten uiterlijk half acht in bed liggen want deze avond gaan we om twaalf uur weg om het blauwe vuur in de Idjen Vulkaan te spotten. Maar daarover later meer…….

Categories: Indonesia, reizenTags: , ,

Leave a Reply

%d bloggers like this: