Op de fiets op de fiets, Orca’s vanuit het niets

We zitten aan de pacific coast dus is het tijdsverschil 8 uur met het kikkerlandje, gevolg rond 5 uur klaar wakker met een hongerige maag dus is het reisgezelschap klaar voor actie. Vandaag gaan we fietsen wat in Vancouver heel goed gaat; vierbaans fietspaden en allerlei tekens op de weg om e.e.a. in goede banen te leiden. We laten de fietsen weer voorrijden, het grote voordeel van valet parking,

en gaan op weg naar Breka bakery & cafe, een goed aangeschreven ontbijt tent vlak bij Stanley Park, een van onze bestemmingen van vandaag. We hebben geluk want het is nog niet erg druk dus hebben een tafel waar we heerlijk ontbijten.

Daarna fietsen we op het gemak richting Stanley Park. Stanley Park is een openbaar park van 405 hectare, dat de noordwestelijke helft van het schiereiland Downtown van Vancouver vormt, omgeven door de wateren van Burrard Inlet en English Bay.

Het park grenst aan de wijken West End en Coal Harbour in het zuidoosten en is via de Lions Gate Bridge verbonden met de North Shore. De historische vuurtoren op Brockton Point markeert het meest oostelijke punt van het park.

Hoewel het niet het grootste stadspark is, is Stanley Park ongeveer een vijfde groter dan het grote Central Park in New York City en bijna half zo groot als het grote Richmond Park in Londen.

Stanley Park heeft een lange geschiedenis. Het land werd oorspronkelijk duizenden jaren lang gebruikt door inheemse volkeren voordat Brits-Columbia in 1858 door de Britten werd gekoloniseerd tijdens de goudkoorts in Fraser Canyon. Het was een van de eerste gebieden die in de stad werden verkend. Vele jaren na de kolonisatie zou het toekomstige park, met zijn overvloedige natuurlijke hulpbronnen, ook een thuis bieden aan niet-inheemse kolonisten. Het land werd later, toen de stad in 1886 werd opgericht, omgevormd tot het eerste park van Vancouver. Het werd vernoemd naar Lord Stanley, de 16e graaf van Derby, een Britse politicus die onlangs was benoemd tot gouverneur-generaal van Canada. Het stond oorspronkelijk bekend als Coal Peninsula en was bestemd voor militaire vestingwerken om de ingang van de haven van Vancouver te bewaken. In 1886 wist de gemeenteraad van Vancouver met succes een pachtovereenkomst voor het park te verkrijgen, die werd toegekend voor $1 per jaar. In september 1888 opende Lord Stanley het park, dat naar hem vernoemd is. In tegenstelling tot andere grote stadsparken is Stanley Park niet het resultaat van een landschapsarchitect, maar eerder van de evolutie van een bos en een stedelijke ruimte gedurende vele jaren. Een groot deel van het park is nog steeds even dicht bebost als in de late jaren 1800, met ongeveer een half miljoen bomen, waarvan sommige wel 76 meter hoog zijn en honderden jaren oud. Duizenden bomen gingen verloren (en veel werden herplant) na drie grote stormen die de afgelopen 100 jaar hebben plaatsgevonden, de laatste in 2006.

Elektrisch ondersteund fietsen we rustig door het park, het is gewoon lastig om te concentreren op het fietsen want soms deel je de weg met voetgangers en soms moet je lopen en soms is er een gedeelde rijbaan. Daar boven op is er zoveel te bewonderen dat je af en toe niet weet waar je moet kijken.

We stoppen bij de Totempalen die hier te zien zijn. Totempalen zijn monumentale houtsnijwerken die voorkomen in westelijk Canada en het noordwesten van de Verenigde Staten. Ze vormen een vorm van inheemse kunst van de Noordwestkust en bestaan uit palen, stijlen of pilaren, waarop symbolen of figuren zijn uitgehouwen. Het woord totem is afgeleid van het Algonquische woord odoodem, wat “(zijn) verwantschapsgroep” betekent. De houtsnijwerken kunnen voorouders symboliseren of herdenken, culturele overtuigingen die bekende legendes vertellen, clanafstammingslijnen of opmerkelijke gebeurtenissen. De palen kunnen ook dienen als functionele architectonische elementen, welkomstborden voor dorpsbezoekers, grafkisten voor de overblijfselen van overleden voorouders, of als middel om iemand publiekelijk belachelijk te maken. Ze kunnen een historisch verhaal belichamen dat van betekenis is voor de mensen die de paal snijden en plaatsen. In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, worden ze niet aanbeden of zijn ze het onderwerp van spirituele praktijken en werden ze ook niet door alle inheemse volkeren in Amerika gebruikt.

We fietsen verder en ontwaren het beeld van Harry Winston Jerome. Hij was een Canadese atleet, sprinter en leraar lichamelijke opvoeding en won een bronzen medaille op de Olympische Spelen van 1964 in Tokio en vestigde in totaal zeven wereldrecords gedurende zijn carrière.

We gaan of track en komen langs beaver lake waar kindjes biologie onderwijs kregen.

We fietsen door en komen via een omweg uiteindelijk bij de Holle boom uit. Hollow Tree is een boomstronk van een westelijke rode ceder en een populaire bezienswaardigheid in Stanley Park.

We leren daar dat 30 % van de bomen vernietigd is door een mot, waardoor er veel gekapt moet worden.

Ook blijken er agressieve coyotes te zijn waar de WHT weer blij van wordt, helaas spotten we er geen één.

Daarna fietsen we richting Prospect point waar we lekker lunchen om daarna af te dalen en de shore coast route verder af te fietsen; dan gebeurt het, uit het niets ontwaart de WHT een group Orca’s met jong die onder de lion gate bridge zwemmen. Wat een geluk, Bucket list – spotten van Orca – kan afgestreept worden.

Het blijkt de zeldzame groep orka’s, de T123-groep, waartoe ook een orka behoort met de bijnaam ‘Stanley’. Zulke momenten doen zich niet vaak voor, zeker niet zo dicht bij de stad aldus de locals.

Na deze close encounter met de killer whale kan de dag niet meer stuk en gaan we in lichte staat van opwinding onderweg naar Granville Island.

We willen graag met de fiets ferry oversteken maar zoekend ons een slag in de rondte om uiteindelijk dankzij MJ vasthoudendheid de verborgen ferry launch toch te vinden.

We gaan aan boord om een minuut later alweer aan de overkant afgezet te worden. Granville Island is een schiereiland en winkelgebied in de wijk Fairview van Vancouver, aan de overkant van False Creek, onder het zuidelijke uiteinde van de Granville Street Bridge. Het was vroeger een industrieel productiegebied en is vernoemd naar Granville Leveson-Gower, de 2e graaf van Granville.

Het schiereiland werd oorspronkelijk door de Musqueam en Squamish als visgebied gebruikt. Er werd een dorp gesticht in het gebied dat sən̓aʔqʷ heette in de Hunʼqumiʼnum -taal en Sen̓áḵw in de Squamish-taal. De stad Vancouver heette Granville tot ze in 1886 werd hernoemd, maar de oude naam bleef behouden en werd gegeven aan Granville Street, die de kleine inham overspande die bekend stond als False Creek.

We lopen door Granville wat blijkt te zijn getransformeerd van een hippie enclave in een heuse tourist trap, onder het mom van kunst winkeltjes wordt dezelfde volgens de WHT in China gefabriceerde snuisterijen verkocht. We lopen door de overdekte public markthal die eigenlijk niet echt bijzonder is, dus nemen we plaats buiten om naar wat muzikanten te luisteren. Wel vinden we er de eerste WK voetbal souvenirs en kunnen we er postzegels kopen voor de aangeschafte ansichten.

We besluiten door te rijden richting het voormalig olympische dorp waar we wat inktvis ringetjes snacken en een heerlijk glaasje rose scoren.

Onderweg zien we het red dress project; voor iedere vermoorde vrouw in Canada, wordt een rode jurk opgehangen in een boom. Het maakt veel indruk op het reisgezelschap.

We genieten volop van de zon. Daarna peddelen we naar Chinatown maar verzeilen op een of andere manier in de Downtown Eastside wat een lugubere buurt is het lijkt wel of we in zombie gebied zijn aangekomen. Overal liggen er verslaafden op de grond of hangen groepen verslaafden tegen de muur wezenloos om zich heen te kijken. De WHT ziet het niet zitten hier lang te blijven want Downtown Eastside (DTES) is een van de oudste wijken van de stad die kampt met een complex geheel aan sociale problemen, waaronder onevenredig hoge percentages drugsgebruik, dakloosheid, armoede, criminaliteit, psychische aandoeningen en sekswerk.

Aan het begin van de 20e eeuw was de DTES het politieke, culturele en commerciële centrum van Vancouver. In de loop van enkele decennia verschoof het stadscentrum geleidelijk naar het westen en werd de DTES een arme wijk, hoewel relatief stabiel. In de jaren tachtig begon het gebied snel achteruit te gaan als gevolg van verschillende factoren, waaronder een toename van harddrugs, beleid dat sekswerk en drugsgerelateerde activiteiten uit nabijgelegen gebieden verdreef, en het stopzetten van federale financiering voor sociale huisvesting. In 1997 leidde een epidemie van hiv-infecties en drugsoverdoses in de DTES tot de uitroeping van een noodtoestand op het gebied van de volksgezondheid. In 2018 waren de belangrijkste problemen onder andere opioïde-overdoses, met name die met de drug fentanyl; vervallen en smerige woningen; een tekort aan betaalbare huurwoningen; en psychische aandoeningen, die vaak samengaan met verslaving. Daarnaast hebben historische factoren zoals de-institutionalisering, woningtekorten en beperkte toegang tot geestelijke gezondheidszorg bijgedragen aan de concentratie van armoede en drugsgebruik in de gemeenschap. Bewoners hebben het hoogste sterftecijfer van Canada als gevolg van confrontaties met de politie en er heerst wederzijds wantrouwen tussen de politie en veel dakloze bewoners.

Er zijn talloze pogingen ondernomen om de DTES te verbeteren, criticasters hebben gezegd dat er weinig vooruitgang is geboekt bij het oplossen van de problemen in de wijk als geheel, hoewel er individuele succesverhalen zijn. Er bestaat echter weinig overeenstemming tussen de gemeentelijke, provinciale en federale overheden over langetermijnplannen voor het gebied.

Kortom niet een buurt waar je moet zijn als toerist.

We rijden door richting de lookout en komen de steam clock tegen.

Een stoomklok is een klok die geheel of gedeeltelijk wordt aangedreven door een stoommachine. Er bestaan ​​slechts enkele functionerende stoomklokken, waarvan de meeste zijn ontworpen en gebouwd door de Canadese horlogemaker Raymond Saunders voor plaatsing in openbare stedelijke ruimtes.

Hoewel stoomklokken vaak worden vormgegeven als antieke stukken uit de 19e eeuw, zijn ze een recenter fenomeen, geïnspireerd door de Gastown- stoomklok die Saunders in 1977 bouwde.

De eerste stoomklok van Raymond Saunders werd gebouwd in 1977 op de hoek van Cambie Street en Water Street in de wijk Gastown in Vancouver. Hij werd gebouwd om een stoomrooster te bedekken, onderdeel van het decentrale stoomverwarmingssysteem van Vancouver, om de stoom te benutten en om de stoomafvoer van Central Heat op de hoek van Water Street en Cambie Street te maskeren. Hoewel de klok nu eigendom is van de stad Vancouver, werd de financiering voor het project, geschat op ongeveer 58.000 CAD, verzorgd door bijdragen van lokale handelaars, vastgoedeigenaren en particuliere donateurs. De klok, die een stoommachine en elektrische motoren combineert, geeft de tijd weer op vier wijzerplaten en kondigt de kwartieren aan met een fluitsignaal dat de Westminster Quarters speelt. De klok produceert elk uur een wolkje stoom uit de bovenkant. De stoom die gebruikt wordt, is afkomstig van een lagedruk-stoomverwarmingsnetwerk in het centrum van de stad van een centrale naast het Georgia Viaduct.

Natuurlijk vereeuwigen we het apparaat en net als vele andere toeristen vergapen we ons aan al dat natuurkundige moois.

We stoppen niet veel later bij het CS Vancouver dat tegenover Harbour Centre is gelegen.

We zijn getuige van een arrestatie van een junk die klaarblijkelijk mensen op straat lastig viel. De WHT wist in eerste instantie niet wie de junk en wie de politieagenten waren totdat de verdachte de handboeien omhad, het leek Miami CSI wel.

We steken de weg over en lopen het Harbour Center in.

Harbour Center is een 147 m hoge wolkenkrabber in het centrale zakendistrict van Downtown Vancouver, die in 1977 werd geopend. De “Lookout”-toren boven op het kantoorgebouw maakt het een van de hoogste gebouwen in Vancouver en een prominent herkenningspunt in de skyline van de stad. Met zijn 360-graden uitkijkplatform is het ook een toeristische attractie, met het draaiende restaurant Top of Vancouver, dat een vrijwel onbelemmerd uitzicht over de stad biedt.

De Lookout blijkt niet ver weg te zijn, echter bij aankomst wordt net de kassa gesloten maar gelukkig doet de lift het nog en gaan we naar het restaurant waar we zonder consumptie wel een paar foto’s mogen maken en er dan weer uitgebonjourd worden.

Het reisgezelschap besluit te gaan eten by Hydra, de fietsen worden weer een soort van Valet geparkeerd.

Het is een Grieks vis restaurant, waar we smikkelen en smullen.

Met volle maagjes fietsen we terug naar Cycle city waar we precies op tijd de fietsen inleveren.

Het laatste stukje richting hotel leggen we af met de benenwagen; natuurlijk spotten we weer bijzondere karretjes; de WHT weet niet wat hij meemaakt.

Bij aankomst op de kamer wordt er snel gedoucht en jetleggerig vallen we in bed. Morgen gaan we richting Alaska

 

5 thoughts on “Op de fiets op de fiets, Orca’s vanuit het niets

  1. Jee wat een dag! Goed dat je het opschrijft.. jullie doen een week in één dag 🙃, gaaf die Orca’s en de stoomklok ( nooit van gehoord )

  2. Fried wat heb jij toch weer een mazzel. Ik ben meerdere keren bij die brug geweest, maar een Orca alleen in het aquarium daar gezien.

Leave a Reply